
Dossier energiecrisis
'Mensen staan nú aan de pomp'
De Straat van Hormuz is het brandpunt van een conflict tussen de VS en Israël en Iran. Ver weg, denk je misschien. Maar voor een aantal van onze collega’s gaat dit conflict ook over hun werk. Om de financiële gevolgen bij huishoudens en bedrijven te beperken, heeft het kabinet maatregelen genomen. Wat is de rol van de directie Algemene Financiële en Economische Politiek (AFEP)? En hoe zorgt de Belastingdienst dat de plannen uitvoerbaar zijn? Plus: wat zijn de effecten van zo’n internationaal conflict op de Douane? En wat betekent het voor een staatsdeelneming als Schiphol, vlak voor de drukke zomerperiode.

Gijs van der Vlugt, directeur Algemene Financiële en Economische Politiek (AFEP)
‘Als iedereen een beetje ontevreden is, zit je misschien wel goed’
Toen het conflict in het Midden-Oosten escaleerde, was Gijs van der Vlugt ver weg van zijn kantoor in Den Haag. Terug in Nederland belandde hij midden in een van de meest onzekere dossiers van het moment.
'Op het moment dat het conflict losbarstte en de Straat van Hormuz dichtging, was ik op vakantie.' Zonder telefoon en zonder nieuws. Toen ik onderweg naar huis overal de beelden zag, dacht ik meteen: dit gaat grote gevolgen hebben.
Vanuit onze rol bij Financiën zijn we als AFEP heel snel aan de slag gegaan, in nauw contact met de minister. Dagelijks overleg leidde tot verschillende scenario’s en passende maatregelen om de gevolgen van de hoge energieprijzen te beperken.
Heel Den Haag
Binnen een paar dagen spreek je dan eigenlijk heel Den Haag. Van Algemene Zaken en Economische Zaken tot Sociale Zaken en Infrastructuur en Waterstaat. Iedereen kijkt vanuit zijn eigen invalshoek: wat betekent dit voor huishoudens, voor bedrijven, voor transport, voor energie? Ook schakelen we met partijen als het Centraal Planbureau, de Nederlandsche Bank en internationale experts die hun eigen analyses maken.
Iedereen heeft ook zijn eigen belang. De een wil iets doen aan de prijs aan de pomp, een ander kijkt naar bedrijven die in de knel komen, en weer iemand anders vindt het een goed moment om te investeren in verduurzaming. Aan AFEP de taak om dat bij elkaar te brengen.
En het klinkt misschien gek, maar als iedereen uiteindelijk een beetje ontevreden is over het resultaat, zit je misschien wel goed. Vaak betekent het in zo’n proces dat iedereen iets heeft gekregen en iets heeft moeten inleveren om samen tot een pakket te komen.
Schakelen
In de praktijk zijn we bezig met afstemmen, schakelen en ondersteunen bij politieke overleggen. Vaak zat het team hier tot ’s avonds laat. Met de voortdurende ontwikkelingen in het conflict, onrustige markten en alle wensen uit Den Haag was het hard werken om tot maatregelen te komen die ook echt uitvoerbaar zijn.
We moesten veel bellen en uitleggen waarom iets wel of niet mogelijk was. Want zodra mensen het gevoel krijgen dat hun punt niet serieus wordt genomen, ben je het vertrouwen kwijt. Daarom is openheid over wat op korte termijn financieel haalbaar is heel belangrijk.
Scenario’s
Wat voor ons centraal stond tijdens dit proces, is vasthouden aan het feit dat niemand weet wat er precies gaat gebeuren. Op verzoek van de minister zijn we gaan werken met scenario’s: van relatief mild (geel) tot heel zwaar (zwart). Niet als voorspelling, maar om voorbereid te zijn op wat mogelijk nog kan komen.
Je kijkt niet alleen naar de situatie van nu. Een belangrijk onderdeel van de analyse gaat juist over de vraag: wat als dit soort geopolitieke spanningen vaker voorkomen? Je moet dus ook nadenken over hoe Nederland op de lange termijn minder kwetsbaar wordt.
Een belangrijk inzicht is eigenlijk simpel: Als er ergens te weinig van is, moet je de vraag niet vergroten. Dus als energie schaars wordt, helpt het niet om de prijs te verlagen. Dan gaan mensen juist méér gebruiken, en maak je het probleem groter.
‘Als energie schaars wordt, moet je de prijs niet verlagen’
Dat is best lastig uit te leggen, want mensen voelen de hoge prijzen direct in hun portemonnee. Maar er is bewust gekozen om niet voor de meest “populaire” maatregel te gaan: de prijzen aan de pomp verlagen. Daar ben ik achteraf misschien wel het meest tevreden over.
Tegelijk wil je natuurlijk wel mensen helpen die in de knel komen. Dus zoek je naar maatregelen die gericht helpen. En als je iets doet, probeer je ook meteen na te denken over de langere termijn. Bijvoorbeeld door te helpen met het beter isoleren van woningen, zodat mensen minder afhankelijk worden van energie van buitenaf.
Eerlijk zijn
Het was ook een grote test voor dit minderheidskabinet. Dat er uiteindelijk brede steun was in de Tweede Kamer, van links tot rechts, vind ik een mooi resultaat. Dat lukte alleen met alle collega’s in Den Haag samen.
En toen minister Heinen bij het Internationaal Monetair Fonds (IMF) uitlegde wat we hadden gedaan, kreeg Nederland daar veel positieve reacties op. Dat voelde toch als bevestiging dat we het goed hebben aangepakt.
Uiteindelijk blijft het belangrijkste misschien wel dat je eerlijk bent over wat je wel en niet weet. Niemand weet precies hoe de situatie zich ontwikkelt. De hoop is natuurlijk dat het conflict zo snel mogelijk eindigt en er een einde komt aan alle destructie. Het enige wat wij tot die tijd kunnen doen, is ons zo goed mogelijk voorbereiden op wat er nog kan komen.’
Maatregelen
|
|---|

Marjon Ginhoven en Ard Warnink beiden coördinerend/specialistisch adviseur bij de Belastingdienst
‘Wat kan wél?’
Je kunt plannen maken om het leed van de energiecrisis te verzachten, maar als die niet uitvoerbaar zijn, heeft de burger er niets aan. Ard Warnink en Marjon Ginhoven maken uitvoeringstoetsen bij de Belastingdienst. Dankzij hen – en vele collega’s – kan de verlaging van de motorrijtuigenbelasting voor grijze kentekens en vrachtwagens en de verhoging van de belastingvrije kilometervergoeding op tijd worden uitgevoerd.
Ard: ‘Ik kreeg van Gijs van der Vlugt van AFEP steeds terugkoppeling van de onderhandelingen. Een van de punten was verhoging van de belastingvrije kilometervergoeding per 1 juli. Daarmee ben ik naar Marjon gegaan: kan jij dit even uitzoeken?’
Marjon: ‘De vraag of we iets konden doen met de kilometervergoeding was binnen een paar uur beantwoord. Halverwege het jaar kan niet. Begin volgend jaar wel. Ik heb Ard toen gezegd: om uit te zoeken of het met terugwerkende kracht kan, heb ik nog een paar dagen nodig.’
Timing
Ard: ‘De aanpassing was het probleem dus niet, de timing wel. Want we werken met jaarcycli bij de Belastingdienst, dus dan is de vraag: wat kan je halverwege het jaar nog aanpassen?’
Marjon: ‘Als je als werkgever je belastingaangifte moet doen, heb je daar een softwarepakket voor, waar vaste bedragen in staan. Zoals de belastingschijven, heffingskorting en… de reiskostenvergoeding. Als je dan zegt: we gaan per 1 juli een ander bedrag toepassen, loopt het spaak.’
Ard: ‘Je maakt het de burger dan ook moeilijk, want zo’n reiskostenvergoeding werkt door in je jaarinkomen, ook al is het maar 2 cent per kilometer. Dat kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor je toeslagen. Als je dan zegt, we willen nú de reiskostenvergoeding omhoog doen, is dat vragen om uitvoeringsproblemen.’
Urgentie
Ard: ‘Als wij zeggen dat iets niet kan, dan gaat er een deur dicht. Dan nemen we opties weg bij de politiek. Dat geeft ons de verantwoordelijkheid om zelf te kijken wat wél kan, en onder welke voorwaarden.’
Marjon: ‘Je voelt aan de urgentie van de vraag wel: als ik dit als antwoord geef, wordt niemand blij. Dus gaan we kijken: wat kan wél? Het makkelijkste is dan invoering begin volgend jaar. Maar daar hebben de mensen in het land niets aan. Kan het dan ook met terugwerkende kracht en wat zijn daar dan de gevolgen van? Uiteindelijk werd het dus: de hogere kilometervergoeding met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026.’
‘Deze uitvoeringstoets hebben we in 10 dagen geregeld’
Ard: ‘Normaal duurt een hele uitvoeringstoets acht weken. Deze hebben we in tien werkdagen geregeld. Iedereen zag het belang ervan. Je ziet dan de passie bij de collega’s: hier merken mensen écht iets van.’
Netwerk
Marjon: ‘Dit kon zo vlot omdat we een goed netwerk hebben. Ik heb elke week afstemmingsoverleg met mensen die uitvoeringstoetsen in de loonbelasting doen. Dat zijn mensen bij vaktechniek, bij CAP (de afdeling waar centrale administratieve processen worden geregeld), mensen die bij Grote Ondernemingen en MKB echt in de uitvoering zitten, mensen die de contacten met de softwareleverancier onderhouden, bij de Belastingtelefoon, werkelijk overal in de organisatie.’
‘Het begon met zes of zeven mensen. Uiteindelijk zijn er honderden collega’s mee bezig geweest. De systemen moeten aangepast, er moet geprogrammeerd worden. Maar we moeten ook kijken naar de informatievoorziening.’
Belastingtelefoon
Ard: ‘Bij de motorrijtuigenbelasting gaat het om meer dan een miljoen bestelwagens! Het lukte op zo korte termijn niet meer om die eigenaren allemaal een brief te sturen. Dat kan ertoe leiden dat de Belastingtelefoon het drukker krijgt. Is dat dan iets dat een maatregel voor heel het land onmogelijk moet maken? Die afweging ligt bij de beleidsmaker. Wij gaan over wat kan, niet over wat wenselijk is.’
Marjon: ‘Je kunt zeggen dat ons werk voorbij is als de uitvoeringstoets er ligt, maar zo werken we niet. We kregen het signaal dat dat werkgevers terughoudend zijn met toekenning van het hogere kilometertarief. Die willen eerst zien dat het in een besluit staat – zwart op wit. Een Kamerbrief is niet genoeg. Dan gaan we daar achteraan. Normaal gesproken zou zoiets in het Belastingplan worden meegenomen, maar dit moest eerder. Mensen staan nú aan de pomp, ze hebben nú dat geld nodig. Daar moest een apart beleidsbesluit voor komen. Dat wordt twee maanden voordat iedereen het verwacht gepubliceerd.’
De 3 acties
|

Patricia Vitalis, Chief Operations Officer (COO) van Schiphol
‘Nederland moet goed verbonden blijven met de rest van de wereld’
Ook Schiphol – een staatsdeelneming van Financiën – voelt de gevolgen van de spanningen in het Midden-Oosten. Zeker met de zomervakantie voor de deur. Patricia Vitalis vertelt hoe ze daarmee omgaan.
‘Internationale spanningen en stijgende energieprijzen hebben direct invloed op de luchtvaartsector. Vooral luchtvaartmaatschappijen merken dat. Brandstof is een groot deel van hun kosten. Als prijzen stijgen, heeft dat invloed op routes, ticketprijzen en vluchtschema’s.
Volle vluchtschema’s
Dat speelt juist nu een extra grote rol. De zomer is altijd een periode waar alles samenkomt: veel reizigers, volle vluchtschema’s en weinig ruimte voor verstoringen. Internationale spanningen en hoge energieprijzen kunnen onverwacht onzekerheid toevoegen.
Wij werken nu intensiever samen en overleggen vaker met partners en ministeries over mogelijke gevolgen voor de sector. Samen willen we zorgen dat mensen weten waar ze aan toe zijn en dat Schiphol stabiel en betrouwbaar blijft.
Op basis van de huidige informatie is er geen tekort aan vliegtuigbrandstof op Schiphol. De meeste reizigers merken van deze ontwikkelingen op de luchthaven dan ook weinig tot niets.
Impact beperkt houden
Wat mensen wel kunnen merken, zijn bijvoorbeeld ticketprijzen of keuzes die luchtvaartmaatschappijen maken. Als luchthaven kunnen wij bijdragen aan stabiliteit in de sector. Daarom hebben we recent een tijdelijke korting van ruim 10 procent op onze havengelden ingesteld. Daarmee willen we luchtvaartmaatschappijen in deze uitzonderlijke situatie ondersteunen. Routes en verbindingen worden zo behouden en Nederland blijft goed verbonden met de rest van de wereld. Zo proberen we de impact zo beperkt mogelijk te houden.
‘Deze periode vraagt rust en overzicht’
Tegelijk zien we wel dat de onzekerheid aanhoudt en dat de aanvoer van kerosine lager ligt dan vóór het conflict in het Midden-Oosten. Daarom bereiden we ons samen met partners en overheid voor op verschillende scenario’s. Binnen de sector kijken we naar maatregelen die helpen om voldoende brandstof beschikbaar te houden én het verbruik te beperken. Eerst kijken we naar vrijwillige maatregelen en pas later naar zwaardere stappen als dat nodig is. Het schrappen van vluchten door luchtvaartmaatschappijen is zo’n voorbeeld van vrijwillige maatregelen.
Verduurzaming
Maar we kijken ook nadrukkelijk naar de toekomst. We willen minder afhankelijk zijn van schommelingen op de energiemarkt. Daarom investeren we al langer in verduurzaming en slimmer energiegebruik. Denk aan de elektrische TaxiBot, waarmee vliegtuigen naar de startbaan taxiën zonder hun motoren te gebruiken, wat het brandstofverbruik aanzienlijk kan verminderen. Ook willen we processen op de luchthaven slimmer organiseren en het gasverbruik terugdringen.
Voor mij als COO vraagt deze periode vooral rust en overzicht. Je moet soms snel beslissingen nemen op basis van informatie die nog niet compleet is. Juist dan is het belangrijk om open en duidelijk te zijn richting collega’s en partners. Want een luchthaven moet ook in onzekere tijden voorspelbaar en betrouwbaar blijven.’

Leonie ten Cate, afdelingshoofd en plaatsvervangend directeur bij de directie Strategie, Beleid en Internationaal
‘De beschermingstaak van de Douane wordt steeds belangrijker’
Amerikaanse tariefmaatregelen, sancties tegen Rusland, de blokkade van de Straat van Hormuz: geopolitieke ontwikkelingen raken het werk van de Douane. Leonie ten Cate: ‘Het is niet zo dat we in oorlogsmodus moeten, maar het is wel belangrijk om ons bewust te zijn van het feit dat economische en logistieke knooppunten steeds vaker worden gebruikt als pressiemiddel in internationale conflicten.’
‘We merken dat de beschermingstaak van de Douane steeds belangrijker wordt. Mensen denken bij de Douane al snel aan containers controleren om verdovende middelen op te sporen. Maar de Douane is bijvoorbeeld ook een belangrijke speler bij de uitvoering van tariefmaatregelen, die de Europese Unie oplegt aan andere landen, en bij de handhaving van internationale sancties. Zoals het verbod op de uitvoer van bepaalde computerchips naar Rusland. Sommige typen chips zijn “dual use” goederen die je voor civiele én militaire doeleinden kunt gebruiken. Microchips die thuis in je koelkast zitten, kan Rusland gebruiken voor militaire toepassingen in de oorlog tegen Oekraïne. Voor deze goederen gelden strenge regels. Die moeten niet in verkeerde handen vallen.
Sinds de start van de oorlog in Oekraïne, is het aantal sanctiemaatregelen fors toegenomen. Dus dat betekent ook iets voor ons takenpakket. Momenteel geldt ook een Europees verbod op invoer van Russisch aardgas in Europa. Zo vermindert Europa de energie-afhankelijkheid van Rusland. De Douane zorgt ervoor dat importeurs zich aan dit verbod houden.’
Beschermen
‘Onze beschermingstaak is veelzijdig. Alle mogelijke goederen die Nederland en daarmee de EU binnenkomen, vallen onder de toezichtstaak van Douane. We doen dat in opdracht van onze negen opdrachtgevers en bepalen in overleg met hen onze prioriteiten. De laatste jaren is - zoals iedereen weet - de e-commerce enorm gegroeid. Miljoenen pakketten arriveren dagelijks per vliegtuig. Deze producten voldoen lang niet altijd aan Europese regels en zijn dus niet altijd veilig. We kunnen niet alles fysiek controleren; we selecteren op basis van risicoprofielen.
In het geval van e-commerce gaat het om alledaagse producten als speelgoed, kleding en gereedschap. Maar sommige goederen, zoals bepaalde wapens, mogen Nederland helemaal niet in of uit. Of alleen onder bepaalde voorwaarden. En als het gaat om NAVO-materieel, zoals tanks, munitie en wapensystemen is juist soepele doorvoer nodig. Die moeten in het geval van een militaire dreiging snel ter plaatse kunnen komen. Dat willen we als Douane goed ingeregeld hebben. Zeker gezien de toegenomen oorlogsdreiging. Daarin werken we nauw samen met Defensie.’
Accijns
‘De situatie in de Straat van Hormuz zorgt wereldwijd voor olietekorten, maar voor de Douane zelf is er nog niet zoveel aan de hand. De dienstauto’s rijden (veelal elektrisch), werknemers kunnen naar het werk komen, dus wat dat betreft merken we niet zo veel van de energiecrisis.
Maar wij lezen natuurlijk ook de verhalen over de mensen die minder tanken, of goedkoper over de grens. De Douane heeft ook de fiscale taak om accijns op te halen. En als er minder wordt getankt in Nederland, merken wij dat natuurlijk in de inkomsten uit accijns voor de schatkist. Het is te vroeg om te zeggen om hoeveel geld het gaat, dat zal blijken uit de jaarrapportage van volgend jaar.
‘Ook in een onvoorspelbare wereld leveren wij onze bijdrage’
Zorgen dat onveilige producten onze grenzen niet passeren, het handhaven van internationale sancties in deze onrustige tijd: de Douane staat voor aanzienlijke opgaven. Want wat als de oorlogsdreiging groter wordt, of als het écht crisis is, welke Douanetaken krijgen dan prioriteit? Wat vraagt dat van onze mensen? Dat zijn vragen waar we ons op voorbereiden. Zo leveren we onze bijdrage aan de bescherming van Nederland en de EU. Ook in een onvoorspelbare wereld.’
9 opdrachtgevers
|